Nieuwe UWV-uitvoeringsregels voor ontslag bij overgang van onderneming per 1 juli 2025
Per 1 juli 2025 zijn de Uitvoeringsregels van het UWV voor ontslag om bedrijfseconomische redenen aangepast. Deze wijziging is relevant voor werkgevers die te maken krijgen met reorganisaties, bedrijfsovernames of financiële uitdagingen, maar ook voor werknemers die hierdoor mogelijk worden getroffen. Het is daarom van belang goed te begrijpen wat er verandert en wat de gevolgen zijn voor uw organisatie of arbeidspositie. De nieuwe regels vervangen de versie van april 2023 en bevatten een belangrijke toevoeging: hoofdstuk 6 over de overgang van onderneming. Dit hoofdstuk biedt duidelijkheid over hoe ontslag om bedrijfseconomische redenen kan worden toegepast in het kader van een bedrijfsverkoop of -overname. Wilt u weten wat de wijzigingen betekenen voor uw situatie? Lees dan onderstaande blog!
Ontslag wegens bedrijfseconomische redenen
Wanneer een werkgever een werknemer wil ontslaan vanwege bedrijfseconomische omstandigheden, zoals een reorganisatie, dalende omzet of verhuizing, is een ontslagvergunning van het UWV vereist. Bij de beoordeling van zo’n aanvraag houdt het UWV zich aan de Uitvoeringsregels, waarin wordt uitgelegd welke criteria van toepassing zijn en hoe een ontslagaanvraag wordt getoetst.
Toevoeging hoofdstuk 6
Met de introductie van hoofdstuk 6 krijgen werkgevers, overnemende partijen en juridisch adviseurs aanzienlijk meer duidelijkheid over hoe een ontslagaanvraag bij een overgang van onderneming moet worden beoordeeld. Het UWV legt in dit hoofdstuk uit in welke situaties ontslag tijdens of na een bedrijfsoverdracht wél mogelijk is en op welke wijze de verkrijgende werkgever betrokken kan worden bij de procedure. Daarnaast licht het UWV toe welke informatie verplicht moet worden aangeleverd. Zo moet helder worden gemaakt wanneer en op welke wijze de overdracht heeft plaatsgevonden, of de onderneming geheel dan wel gedeeltelijk is overgegaan en wie als vervreemdende en verkrijgende werkgever wordt aangemerkt. Verder moet de werkgever uitleggen welke economische, technische of organisatorische redenen (de zogenoemde ETO-redenen) aan het ontslag ten grondslag liggen en welk onderzoek is gedaan naar de mogelijkheden om werknemers binnen de nieuwe organisatie te herplaatsen. Door deze toelichtingen ontstaat een gestructureerd kader dat richting geeft aan de beoordeling van ontslagaanvragen in het kader van een overgang van onderneming.
Wat betekent dit voor werkgevers?
Voor werkgevers betekent de invoering van hoofdstuk 6 dat er meer zekerheid bestaat over hoe een ontslagaanvraag bij overgang van onderneming wordt beoordeeld en welke informatie daarvoor nodig is. Een gedegen voorbereiding is essentieel om de procedure soepel te laten verlopen. Zowel de overdragende als de verkrijgende werkgever moeten aantonen dat het ontslag losstaat van de overdracht en dat herplaatsing bij de nieuwe werkgever niet mogelijk is. Dit vraagt vaak nauwe samenwerking en uitwisseling van informatie tussen beide partijen. Zonder een goede onderbouwing loopt de werkgever het risico dat het UWV de aanvraag afwijst.
Hoewel de toevoeging van hoofdstuk 6 duidelijkheid schept, blijft het belangrijk zorgvuldig te handelen bij ontslag in het kader van een overgang van onderneming. De situaties zijn vaak complex en vragen om een nauwkeurige afweging van bedrijfseconomische belangen, rechten van werknemers en juridische randvoorwaarden. Voor werkgevers en adviseurs biedt dit hoofdstuk echter een waardevol toetsingskader, dat helpt bij het plannen en onderbouwen van ontslagaanvragen in deze specifieke context.
Vragen?
Heeft u vragen over deze blog of andere ondernemingsrechtelijkekwesties? Benader dan gerust een van onze specialisten via: mr. Willeke Krieger (krieger@tlcadvocaten.nl). Tevens zijn we te bereiken op 053-3033000 (Enschede) of 0523-745640 (Hardenberg) of via info@tlcadvocaten.nl