T +31 53 303 30 00

 

Verhuizen met een kind na scheiding: wanneer is toestemming nodig?

TLC International Law > Familierecht  > Verhuizen met een kind na scheiding: wanneer is toestemming nodig?

Verhuizen met een kind na scheiding: wanneer is toestemming nodig?

Wanneer ouders na een scheiding gezamenlijk het ouderlijk gezag uitoefenen, kan een verhuizing met het kind niet eenzijdig worden besloten. Voor een dergelijke verhuizing is de instemming van de andere ouder vereist. Ontbreekt die toestemming, dan kan de ouder die wil verhuizen de rechtbank verzoeken om vervangende toestemming te verlenen. Maar wanneer wijst de rechter zo’n verzoek toe, welke afwegingen spelen daarbij een rol en wat betekent dit voor uw situatie? U leest het in onderstaande blog!

Vervangende toestemming via de rechter

Als ouders er onderling niet in slagen om tot overeenstemming te komen en de andere gezaghebbende ouder weigert toestemming te geven voor de verhuizing, kan de ouder die wil verhuizen de rechter vragen om een beslissing te nemen op grond van artikel 1:253a Burgerlijk Wetboek. In deze procedure is het verplicht om u te laten bijstaan door een advocaat.

Beoordeling door de rechtbank

Bij de beoordeling van een verzoek om vervangende toestemming stelt de rechtbank het belang van het kind voorop. Daarnaast worden de belangen van beide ouders tegen elkaar afgewogen. De rechter kijkt onder meer naar de reden voor de verhuizing, de mate waarin deze noodzakelijk en goed voorbereid is en de vraag of de gevolgen voor het kind en de andere ouder voldoende zijn doordacht. Ook de mogelijkheden om het contact tussen het kind en de achterblijvende ouder in stand te houden spelen een belangrijke rol, evenals de verdeling van de zorgtaken, de continuïteit van de opvoeding en de leeftijd en mening van het kind. Daarbij worden alle omstandigheden van het geval betrokken en vindt de beoordeling plaats met inachtneming van het recht op eerbiediging van het privé-, familie- en gezinsleven zoals beschermd door artikel 8 EVRM.

Wanneer één ouder het gezag heeft

Indien één ouder alleen met het ouderlijk gezag is belast, is in beginsel geen toestemming van de andere ouder vereist voor een verhuizing. Wel blijft deze ouder verplicht om de band tussen het kind en de andere ouder te bevorderen. Dat betekent dat bij een verhuizing rekening moet worden gehouden met de bestaande omgangsregeling. Bij een verhuizing over een grote afstand of bij ingrijpende veranderingen kan de andere ouder alsnog de rechter inschakelen, die in uitzonderlijke gevallen kan beslissen dat terugverhuizing noodzakelijk is.

Wanneer u geen gezag heeft

Een ouder zonder gezag kan niet zelfstandig beslissen over een verhuizing van het kind; deze bevoegdheid ligt bij de gezaghebbende ouder. Wel kan de ouder zonder gezag naar de rechter stappen wanneer een verhuizing de omgang ernstig belemmert. Daarnaast bestaat soms de mogelijkheid om gezamenlijk gezag aan te vragen, waardoor meer inspraak ontstaat bij belangrijke beslissingen over het kind, zoals een verhuizing.

Conclusie

Een verhuizing met een kind na een scheiding is juridisch complex en raakt direct aan de belangen van zowel het kind als beide ouders. Of toestemming vereist is en of een rechter die toestemming zal verlenen, hangt steeds af van de specifieke omstandigheden van het geval. Omdat de gevolgen van een verhuizing ingrijpend zijn, is het van groot belang om zorgvuldig te handelen en tijdig juridisch advies in te winnen.

Vragen?

Heeft u vragen over deze blog of andere familierechtelijke kwesties? Benader dan gerust een van onze specialisten via mr. Willeke Krieger (krieger@tlcadvocaten.nl). Tevens zijn we te bereiken op 053-3033000 (Enschede) of 0523-745640 (Hardenberg) of via info@tlcadvocaten.nl