T +31 53 303 30 00

Linkedin

Facebook

Instagram

 

Zorgverdeling bij expatgezin: welke rechter is bevoegd?

TLC International Law > Familierecht  > Zorgverdeling bij expatgezin: welke rechter is bevoegd?

Zorgverdeling bij expatgezin: welke rechter is bevoegd?

Zorgverdeling bij expatgezin

Inleiding

Het Gerechtshof in Den Haag heeft zich gebogen over de vraag of het Nederlands recht van toepassing is in een gerechtelijke procedure over de zorgverdeling van de ouders ten aanzien van de kinderen, nu zowel de ouders alsook de kinderen in een expatsituatie in de Verenigde Emiraten wonen. Het antwoord wordt gegeven in het arrest d.d. 22 april 2020 (ECLI:NL:GHDHA:2020:937).

Brussel II Bis

Het Hof is tezamen met de rechtbank van mening dat de bevoegdheid niet kan worden ontleend aan de gebruikelijke Brussel II Bis-verordening, welke verordening normaliter de bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid regelt. Deze verordening is namelijk slechts van toepassing op gevallen waarbij de minderjarigen in Nederland woonachtig zijn of indien er voldaan wordt aan de voorwaarden die gesteld worden aan prorogatie van rechtsmacht.

Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996

Ook is het Hof van oordeel dat de internationale bevoegdheid niet kan worden ontleend aan het Haags Kinderbeschermingsverdrag, nu de minderjarige kinderen niet woonachtig zijn in Nederland.

Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Nu zowel de Verordening alsook het Verdrag niet van toepassing is, wordt teruggevallen op het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. In artikel 4, lid 3 is opgenomen dat indien de Nederlandse rechter bevoegd was bij de echtscheiding, hij eveneens bevoegd is bij voorzieningen die verband houden met de echtscheiding, zoals het gezag- en omgangsrecht.

Oordeel van het Hof

Het Hof overweegt dat partijen zelf overeenstemming hebben bereikt ten aanzien van de omgangsregeling. Nu de Nederlandse rechter heeft geoordeeld over de echtscheiding, is hij op grond van artikel 4 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering eveneens bevoegd ten aanzien van de omgangsregeling. Nu er geen procedure aanhangig is in de Verenigde Arabische Emiraten met betrekking tot de(zelfde) omgangsregeling, bestaat er geen risico op tegenstrijdige uitspraken. Het Hof verklaart zichzelf dan ook bevoegd en legt in het arrest de tussen de ouders overeengekomen omgangsregeling vast.

Vragen?

Heeft u vragen over deze blog? Over omgangsregelingen of andere familierechtelijke kwesties? Benader dan gerust ons team van familierecht: Willeke Krieger (krieger@tlcadvocaten.nl) of Pierrette Kuipers (kuipers@tlcadvocaten.nl). Tevens zijn wij te bereiken op 053-3033000 of via info@tlcadvocaten.nl.